top of page

Heb ik een omgevingsvergunning nodig voor een bijgebouw of tuinhuis?

  • planoloog
  • 6 jan
  • 2 minuten om te lezen

Vraag: moet ik een omgevingsvergunning hebben voor een bijgebouw of tuinhuis?



Een tuinhuis voor fietsen of tuingereedschap, een bijgebouw als opslagruimteĀ of een klein bijgebouw achteraan het perceelĀ lijkt vaak een logische en beperkte ingreep. Maar mag dat zomaar? Of is er een omgevingsvergunningĀ nodig?


Het korte antwoord: meestal wƩl, soms niet

Volgens artikel 4.2.1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) is het oprichten van een bijgebouw of tuinhuis in principe vergunningsplichtig. De regelgeving voorziet echter ook in vrijstellingen, waardoor een vergunning in bepaalde gevallen niet nodig is.


Die vrijstelling geldt enkelĀ wanneer aan alle voorwaardenĀ is voldaan.


Wanneer is geen omgevingsvergunning nodig?

Een tuinhuis of bijgebouwĀ kan vergunningsvrij geplaatst worden indien alle onderstaande voorwaardenĀ vervuld zijn:

  • Het bijgebouw is vrijstaandĀ en niet bestemd voor verblijf(dus geen thuiskantoor, hobbyruimte, muziekstudio, …).

  • Ligging:

    • in de zijtuin: minstens 3 meterĀ van de perceelsgrens

    • in de achtertuin: minstens 1 meterĀ van de perceelsgrens,of op de perceelsgrensĀ indien tegen een bestaande scheidingsmuur (zonder aanpassingen)

  • Oppervlakte: maximaal 40 m² per goed, inclusief reeds bestaande vrijstaande bijgebouwen

  • Hoogte: maximaal 3,5 meter

  • Infiltratie: regenwater moet op het eigen perceel kunnen infiltreren

  • Afstand tot de woning: het bijgebouw ligt binnen 30 meterĀ van een vergunde woning


Wordt aan één van deze voorwaarden niet voldaan, dan is de vrijstelling niet van toepassing en is een vergunning vereist.


Wanneer is toch een vergunning nodig?

Zelfs wanneer je bijgebouw aan alle bovenstaande voorwaarden voldoet, kan een omgevingsvergunning alsnog vereist zijnĀ in volgende situaties:

  • Het perceel maakt deel uit van een verkaveling jonger dan 15 jaarĀ waarvan de voorschriften het bijgebouw beperken of verbieden.

  • Het perceel ligt binnen een RUP, BPAĀ of valt onder een stedenbouwkundige verordeningĀ met afwijkende of strengere bepalingen.


Lokale voorschriften gaan steeds voorĀ op de algemene vrijstellingsregels.


Samengevat

  • Een tuinhuis of bijgebouw is meestal vergunningsplichtig.

  • Een vrijstelling is mogelijk, maar enkelĀ wanneer:

    • aan alle voorwaardenĀ is voldaan, Ć©n

    • er geen lokale voorschriftenĀ zijn die het bijgebouw beperken.


Twijfel ontstaat vaak niet door de algemene regels, maar door de specifieke context van het perceel.


Vragen over jouw specifieke situatie?

Wil je zeker weten of jouw bijgebouw vergunningsvrijĀ kan worden geplaatst?PLANOLOOG analyseert de stedenbouwkundige context, de geldende voorschriften en de concrete inplanting op jouw perceel.


Zo vermijd je verrassingen achteraf, bij controle, verkoop of een latere vergunningsaanvraag.

Opmerkingen


 

© 2026 by planoloog

 

bottom of page